Trio toprestaurants blij met behoud ‘Ster’

ALTIJD WEER SPANNEND. Drie toprestaurants in Twente zijn maandag opnieuw beloond met één Michelin-ster. Landhuishotel Bloemenbeek in De Lutte, Hotel ‘t Lansink in Hengelo (foto) en De Swarte Ruijter behielden hun status bij de jaarlijkse uitverkiezing, die dit keer plaats vond in het De la Mar Theater in Amsterdam.

Het trio etablissementen uit deze regio behoort al diverse jaren tot het uitverkoren gezelschap van bekroonde restaurant in de wereldwijd bekende en meest invloedrijke gids en slaagt er telkens weer in dat hoge niveau te handhaven.

De vertegenwoordigers van het culinaire Twentse toptrio waren allemaal van de partij bij de jaarlijkse bijeenkomst, waarbij de verdeling van de sterren wordt bekendgemaakt. “Het is heel mooi om mee te maken, maar er komt toch altijd een mate van spanning bij kijken”, zegt Raymond Strikker van De Bloemenbeek. Zijn team onder aanvoering van Michel van Riswijk, werd al voor de achtste keer op rij beloond met een ster.

Handjes trillen weer
“Toch wordt het nooit een gewoonte”, verklapt Strikker. “Als Bloemenbeek zijn we er weliswaar van overtuigd dat we culinair en qua gastvrijheid de goede filosofie hanteren, maar als je het boekje weer pakt, trillen toch elke keer de handjes weer. Wat er daarna gebeurt is ongelooflijk. Eén groot gekkenhuis. Alle media-aandacht, de telefoon die ontploft met belletjes en appjes van bekenden en van gasten… Onze ambassadeurs. Je probeert alles te beantwoorden, maar dat lukt gewoon niet op één dag. De eerste keer was het helemaal gekkenwerk, het wordt al wel wat normaler. Maar het blijft bijzonder om dit te mogen meemaken.”

“Je wordt uitgenodigd voor de bijeenkomst, maar weet van tevoren niet of je de ster hebt gehouden of ‘m bent kwijtgeraakt. Dit jaar zijn er veel afgevallen, dat geeft ook de waarde van zo’n ster aan, het is niet vanzelfsprekend dat je hem opnieuw krijgt. Ook bedrijven van faam en naam moeten dan een teleurstelling wegslikken. Het is niet onze filosofie om op een tweede ster te jagen, maar je moet altijd streven naar het hoogste. Waar het ook om gaat is dat we onze rekening kunnen blijven betalen en dat kan alleen als onze gasten ons waarderen om wat we doen. Die nuchterheid moet je samen hebben. Je moet elke dag opnieuw fanatiek en verantwoord bezig zijn om lekker eten te koken en een geweldige sfeer neer te zetten. Dat is wat we doen en waarom we er al 52 jaar zijn.”

Elke keer weer bekroning
Ook bij ’t Lansink wordt het behoud van de ster gevierd. Richard van den Hoeven en compagnon en chef-kok Lars van Galen, in 2011 nog medeverantwoordelijk voor de primeur van de eerste ster van De Bloemenbeek, mochten al in 2013 voor het eerst feest vieren. Amper een jaar nadat ze de uitbaters werden van ’t Lansink. De cyclus werd daarna niet onderbroken. Kort na de bijeenkomst zegt hij: “Het blijft leuk. We zijn met een aantal mensen uit ons team in Amsterdam om te benadrukken dat we het bijzonder waarderen dat we er tussen staan. We weten niet wat we zouden moeten doen om er een ster bij te halen. Uiteindelijk doe je dit voor de mensen die elke dag bij je komen eten. We willen vooral een gezonde zaak en die hebben we nu al voor het zevende jaar. Maar eerlijk is eerlijk, zo’n ster is elke keer weer een bekroning. Je krijgt een bepaalde routine, maar je moet dit wel blijven waarderen als bijzonder. Het is toch een bekroning van je werk. Daarom zijn we nu op de Dam bij een mooi hotel en drinken we een lekker pilsje.”

Wel een dingetje
Erik de Mönnink, die met zijn echtgenote Esther De Swarte Ruijter (rechts) bestiert, geeft eveneens toe dat het behalen van de Michelin-ster geen vanzelfsprekendheid is. “Het is wel een dingetje hoor. Als je ‘m krijgt ga je twee stappen omhoog, als je ‘m verliest twee terug. Het enige wat je wil is dat je waardering krijgt van je gasten. Voor hen koken we nog steeds zoals we altijd gedaan hebben en daarvoor worden we beloond. Maar het geeft wel druk, 365 dagen per jaar. Het is elk jaar weer afwachten en echt gissen of je je diploma weer krijgt. Dat is niet te geloven, maar toch heb ik altijd die twijfel. Eigenlijk heb ik die elke dag. Ik denk dat het de perfectionist in mij is, het is voor mij nooit goed. Je moet er veel voor doen en veel voor laten, maar als je ‘m dan sinds 2015 voor de vierde keer op rij krijgt, geeft dat echt een enorme ontlading.”