Hanna van Hendrik komt je aan de botten

(Door Paul Abels, medewerker van Zilver magazine)
Groots opgezette totaaltheaterspektakels vieren ongekende triomfen in onze gebenedijde regio. Na ‘Het verzet kraakt’ (Almelo, 2017) en ‘Stork!’ (Hengelo, 2018) hebben we nu ‘Hanna van Hendrik’ in Lonneker. Prima voorstellingen, die eerste twee, maar ‘Hanna’ stak er met kop en schouders bovenuit, vond ik. Hoe zit dat nu, waarom komt Hanna mij zo aan de botten, vroeg ik me af, terwijl ik na de voorstelling naar huis fietste.

Initiatiefneemster actrice Johanna ter Steege (foto) wist wat ze wilde: een familiesaga, gebaseerd op haar eigen familie, spelend in Twente. Op de een of andere manier is de helderheid en doelgerichtheid van wat ze wilde vertellen, precies goed geland bij scriptschrijver Bouke Oldenhof. In Johanna’s eigen woorden: ‘een eerbetoon aan de boerengemeenschap, hechte familiebanden, angst voor veranderingen, liefde en bevrijding’.

Glasheldere vertelling
Oldenhof maakte een verhaal dat speelt op drie locaties, in verschillende tijden en met sprongen in de tijd. Ingewikkeld, geforceerd? Neen, volstrekt geloofwaardig. Vertelster Aisha, gespeeld door Naomi van der Linden, knoopt de scènes pratend en prachtig zingend aan elkaar. Een vondst om het zo op te lossen.

Ik denk dat het succes en de kwaliteit van een voorstelling daarmee beginnen: precies weten wat je wilt vertellen. En dan gaat het niet primair om de plot: drie generaties van een boerenfamilie, van wie boerderij en grond door de bank worden verkocht. Ook niet primair om de historische feiten: de schaalvergroting in de landbouw, de ruilverkaveling en de boerenopstand in Tubbergen in 1971, het gebrek aan opvolging bij kleinere boeren. Het gaat allereerst om het persoonlijk drama dat eronder zit bij de hoofdrolspelers. Dat komt er zeer krachtig uit. Het wordt meeslepend theater omdat je als kijker niet anders kunt dan ‘mee-voelen’.

Acteren
Het meest aangrijpend vond ik het moment dat Hanna te horen krijgt dat haar geliefde dood is. Johanna ter Steege maakt in een scène van een paar minuten Hanna’s verdriet tot rauwe werkelijkheid. Geen melodrama. Briljant geacteerd.

Opvallend is hoezeer vrouwen in het stuk de krachtige rollen hebben. Hanna die met haar Italiaanse temperament schuldeisers en zeurpieten haar erf af jaagt met het geweer in de aanslag en die gevraagd wordt om woordvoerder te zijn voor de boeren bij de ruilverkavelingsoorlog; Wilma, haar dochter, die kiest voor zichzelf, ze wil geen boer zijn, maar begint een dansschool, dwars tegen de wil van haar moeder in.
Hendrik, Hanna’s grote liefde, sterft jong, haar vader dementeert (goed gespeeld door Jan Roerink (foto), nestor van revuegezelschap Boernleu) en Hanna’s zoon Bert is niet helemaal goed (‘zevenachtste’). Bij de opstand van de boeren vervullen de vrouwen van de boeren een minstens zo grote rol als de mannen. De complexe vriendschapsrelatie tussen Hanna en bankmedewerkster Ria, een overtuigende rol van Magda Nij Bijvank, wordt flink uitgediept.

Toneelbeeld
Wanneer je als publiek de zaal in komt, zie je niet alleen vijf prachtig geschoren koeien van showroomkwaliteit, je ruikt ze ook, inclusief het stro en de stront. Koe Jeanne 2 had een glansrol. Zij hief op een zeer precair moment haar staart, liet de vlaai klateren en oogstte daarmee een groot applaus.

De voorstelling kende geen dode momenten. Het toneelbeeld is ‘groothoekig’ – er valt veel te zien. Bovendien is de afwisseling groot. Revue-achtige sketches met goede grappen, een verteller die de losse eindjes verbindt, een uitstekende band met veertien eigen nummers, een dansgroepje van kinderen en een vrouwenkoor. Tussendoor motorrijders, koeien, scènes op boerenwagens, polonaises. Indrukwekkend was de wijze waarop de strijd tussen woedende boeren en overheid in beeld gebracht werd. Het riep herinneringen op aan scènes uit Bernardo Bertolucci’s film Novocento. Ontroerend waren de processie en de bruidskoe met bloemenkrans. Sommige scènes waren mooi van eenvoud: de grootouders van Hanna’s vader spraken tot hem via de lijst van een schilderij. Bijna John Lanting-achtig, maar effectief. Een ingenieur, de burgemeester van Tubbergen en een gedeputeerde die de ruilverkaveling door wilden drukken, werden op een boerenwagen het toneel opgereden. Het spel was daarmee op de wagen, letterlijk. Het fraaiste plaatje maakte Huub Stapel aan het eind van het stuk: de betreurde dode rijdt weg op de trekker, de horizon tegemoet, met zijn eigen doodkist op de boerenwagen erachter.

Muziek, rituelen, Twents
De band Her Majesty speelde live maar er was ook een vocaal ensemble dat onder leiding van dirigente Yt Nicolai gregoriaans koorwerk zong van onder anderen componiste Hildegard von Bingen. Het maakte grote indruk. Mooi was hoe in het stuk oude rituelen (trouwen, rouwen, processies) opnieuw geladen werden. De bruiloft van Hanna en Hendrik werd zo een ouderwetse Twentse brulft met alle liederen die daarbij horen: ‘En de bruidegom die durft zijn bruidje niet te kussen’, ‘Zij leve hoog’ en ‘Hanna hef ‘n grieze oonderbokse an’. De vele vijftigers zongen uit volle borst mee. Een groot deel van het stuk was in authentiek Twents, gelukkig zonder de obligate clichés en woordgrappen die nogal eens voorbij komen als er plat gepraat wordt. De vader van Hanna, Jan Roerink, wil niet dat zijn dochter trouwt met iemand die geen boer is. Hij lost dat verbaal typisch Tukkers op: Ik wil d’r gin ruzie um maakn. Maar d’r wordt hier nich trouwd!’

Aan het eind van het stuk schuifelt het publiek in één lange stoet mee in de begrafenisstoet voor Hendrik. Een regievondst van jewelste. Hendrik is begraven, de boerderij verkocht, Hanna kan door met haar leven. De toekomst ligt open.

________________________________________

De laatste voorstelling van ‘Hanna van Hendrik’ vindt plaats op 21 juli 2019 op Vliegveld Twenthe. https://www.ntk.nl/voorstelling/hanna-van-hendrik